Opinie: Kies voor rust: zie hybride onderwijs als blijvertje

Laat leerlingen om en om thuis of op school leren, dat is coronatechnisch en pedagogisch zeer gunstig, betoogt Lisette Bastiaansen. 

Kijkend naar de hele corona-discussie en onderwijs valt me vooral op dat de overheid om niet nader genoemde redenen vasthoudt aan volledig ‘fysiek’ onderwijs in klassen op school, waarbij pedagogische en andere inhoudelijke argumenten om dit te doen ontbreken, of in ieder geval niet verwoord worden.

Het is natuurlijk niet waar dat de ‘enige’ goede vorm van onderwijs die vorm is waar meer dan dertig kinderen bij elkaar in een klas zitten, leraren gestresst raken doordat ze proberen zogezegde achterstanden weg te werken en ondertussen het vege lijf moeten redden met face shields, spat-schermen en wat dies meer zij, en de schoolleiding daarnaast meer dan de handen vol heeft aan het in beeld krijgen van ventilatieproblemen en bijbehorende aanpassingskosten, het in gesprek blijven met alle stakeholders (die er allemaal een eigen mening op na houden) en het op andere manieren voorsorteren op een jaar vol onrust.

Zelf ben ik van mening dat hybride onderwijs voor het komende schooljaar op allerlei manieren voor iedereen (zowel leraren als leerlingen als leidinggevenden in onderwijs) goed uit zou kunnen pakken: het zou zorgen voor (pedagogische) stabiliteit in de klas en in de school. Het past bij de huidige tijd, waarin digitaal en analoog op allerlei manieren met elkaar verweven zijn, en voor de huidige jongere niet meer dan ‘normaal’.

Gecombineerde aanpak

Het zou voor de meeste leerlingen qua (pedagogische) aanpak goed te doen zijn, zeker omdat het een ­gecombineerde aanpak les op school en les thuis betreft.

Kleinere groepen in de klas betekent meer persoonlijke aandacht, met enige regelmaat thuis zélf werken en je zelf als leerling bij elkaar ­rapen om via digitaal onderwijs aan de slag te gaan: het is goed voor het (leren) nemen van eigen verantwoordelijkheid – en die verantwoordelijkheid is massaal door kleinere en grotere kinderen genomen tijdens de afstandsonderwijsperiode, zo zullen vele leraren beamen.

Leerlingen hoeven dan ook niet langer angstig te zijn dat ze hun ouders besmetten (onderschat het aantal kinderen/jongeren niet dat hier vreselijk mee in de maag zit) en kunnen in relatieve zin ‘gewoon’ leven en hun sociale contacten onderhouden.

 En al die stress over ventilatiekwaliteit, besmettingen binnen scholen, is dan in één klap van de baan. In plaats van dat scholen hun energie dan moeten blijven stoppen in het proberen te volgen van een bijna ­wekelijks anders denkende relatief onnavolgbare overheid, en daarnaast een nog veel onnavolgbaarder coronavirus, zou de energie gestopt kunnen worden in het kwalitatief goed optuigen van hybride onderwijs voor nu én later. Wat een rust en stabiliteit zou dat geven!

Lisette Bastiaansen is onderzoeker en docent in het hbo.

Laatste wijziging: dinsdag, 13 oktober 2020, 13:35